Wednesday, 25 January 2012

Schatgraven


De tuin was een chaos, vol dood hout, verdord groen en onduidelijke rommel. We gingen opruimen. En, als je opruimt, vindt je altijd van alles. Zo vonden wij in onze wintertuin onverwachte schatten, zowel boven als onder de grond. Her en der staken bruine dorre stengels omhoog, en juist daar staken we onze riek de grond en spietsten we het witte goud naar boven: Aardperen.

Aardperen zijn ideaal voor de luie tuinier. Je graaft een knolletje in, en doet een jaar niets terwijl je geniet van de hoge groene planten met hun gele bloemen, verwant aan de zonnebloem. In de herfst of winter graaf je ze uit, en voila, een handvol knollen is je beloning. Je stopt er eentje terug voor volgend jaar en de rest eet je op. In het engels heten deze knollen Jerusalem Artichoke, en die naam zegt meer dan het modderige aardpeer. De knollen smaken naar een kruising tussen artisjok en nieuwe aardappel.


Intussen gingen wij verder voor de volgende oogst: de spruitjes.

Ze wilden maar niet groeien dit jaar, en nu de moestuin leeg moest oogsten we mini spruiten. En dat vonden we niet erg, want voor spruiten geldt, hoe kleiner hoe zoeter. En ook, hoe later je ze oogst, hoe beter, want een flinke vorst laat ze, net als andere koolsoorten, zoeter smaken. Houd je niet van de bittere smaak van spruiten maar is zelf groeien geen optie? Kijk eens of je ze kunt kopen aan de stronk. Ook dan smaken ze milder dan gekocht in de zak.


Na het werk in de tuin volgde het werk in de keuken. In dit seizoen kon ik er eigenlijk maar een ding van maken. Ik combineerde ze met spek en mandarijn tot een heerlijke warme wintersalade. Je kunt uitgebreid variëren met dit recept. Het heeft een heerlijke balans van zout (spek), bitter (spruiten), zoet (aardperen) en zuur (de mandarijnen). De paranoten geven textuur. De aardperen kun je, als je ze niet kunt krijgen, vervangen door nieuwe aardappeltjes. De spruiten door een andere koolsoort, bijvoorbeeld broccoli of groene kool. Als je geen vlees eet kun je het spek vervangen door paddestoelen. In plaats van mandarijn kun je sinaasappel gebruiken, en alhoewel de aardse smaak van de paranoten goed bij de combinatie past zal een ander soort noten ook de benodigde crunch geven.


Warme wintersalade met aardpeer, spruiten en mandarijn

Handvol aardperen
2 handen spruitjes, als je het hebt ook het bijbehorende groen
spek
1 ui
handje verse of 1 theelepel gedroogde tijm
3 of 4 mandarijnen
handje paranoten , grof gehakt

Maak de spruiten en aardperen schoon en blancheer ze tot eventjes ze zacht zijn, ongeveer 5 a 10 minuten. In plaats van ze van tevoren te schillen kun je de schil na het blancheren met je handen van de aardperen te trekken. Snijd ze in stukken van een paar cm. Zijn de spruiten vrij groot snijd ze dan doormidden. Snijd de ui doormidden en dan in fijne ringen. Verhit wat olijfolie en fruit de ui hierin zachtjes lichtbruin. Voeg dan het spek toe, in stukjes, en bak een tijdje mee. Als het bruin is voeg dan, als je het hebt, het fijngesneden spruitengroen mee. Roer dan de aardperen en de spruiten erdoor en bak een tijdje tot alles warm is. Pel de mandarijnen en haal, als je hier het geduld voor hebt, ook de witte velletjes van de partjes. Gooi op het laatst de paranoten en de mandarijn door het gerecht. Maak af met de tijm en royaal zwarte peper.

Tuesday, 17 January 2012

De drukke huisvrouw doet even Thais

Als een van de twee door de week laat thuis is, en de ander een thuiswerkende huisvrouw, is het wel te voorspellen wie door de week het eten op tafel zet. Niet een, maar vaak wel drie keer. Eerst voor de kinderen. Nu Jasmijn een jaar oud is eet ze met haar broer en zus mee, maar omdat ze nog steeds geen melk verdraagt is er vaak dubbel werk. Hebben de kinderen gegeten, of niet, afhankelijk van hoe hun pet staat, en liggen ze eindelijk in bed dan zijn wij aan de beurt. Ongestoord kunnen we bergen hete peper in ons eten mengen. Zonder gegil, van lust ik niet, of gespeel, eten we in alle stilte of met een goed gesprek ons bord helemaal leeg. Genietend. Maar het is niet gezellig. Als ik het moment van de dag dat de kinderen in bed liggen niet het heerlijkste van de dag vond zou ik het Zuid Europese model overwegen, waar de hele familie na achten samen eet.

Nu is koken mijn hobby, maar na een hele week minstens twee keer per dag ben ik wel uitgekookt. In het weekend pakt Roel hopelijk uit, dan braadt hij vlezen, roert hij risotto’s of frituurt hij frietjes. Zo’n dagje vrij is heerlijk. Het was dus ook erg fijn toen hij laatst, voor bezoek, een geweldig kookidee had en zelf ook nog eens netjes de ingrediënten kocht. Maar ja. Het was op een maandag. En zijn werk is druk en ook in het nieuwe jaar zijn de Londense treinen niet betrouwbaar. Dus wie moest er natuurlijk aan het werk? U raadt het al. Met de summiere instructie: iets met die zalmforellen, in aluminium folie, en dan een beetje Thais. Maar, u kent mij, hoe minder instructie, hoe beter het resultaat en ik toog aan het werk terwijl het bezoek de kinderen vermaakte. Ik haalde wat zelfgemaakte Thaise currypasta uit de vriezer. Wat kruiden. Voilà het resultaat. Het was een genot. En wie denkt u dat er met de eer ging strijken? Ik natuurlijk!


Groene currypasta

1 stengel citroengras
3 cm verse gember
2 tenen knoflook
1 ui
1 grote bos koriander, inclusief stengels en eventueel wortels
1 eetlepel verse, of een theelepel gedroogde galangal
rasp en sap van een limoen
handvol groene chili’s
peper en zout
2 theelepels korianderzaad, gemalen of korrels
1 theelepel komijn
1 theelepel thai shrimp pasta of 2 theelepels fish sauce
2 djeroek peroet blaadjes
olie

Je hoeft niet alle ingrediënten te gebruiken, je kunt de pasta naar smaak aanpassen, met name wat betreft de hoeveelheid chilipeper die je gebruikt. Hak alle ingrediënten samen in een hakmolen. De pasta blijft in de ijskast enkele weken goed, maar het makkelijkste is het om een grote hoeveelheid in een keer te maken en deze in kleine porties in te vriezen. Voor een gerecht heb je meestal maar een paar eetlepels nodig, vries daarom precies die hoeveelheid in, in bijvoorbeeld een boterham zakje.


Thaise zalmforel

per persoon 1 zalmforel of andere hele vis
3 eetlepels groene curry pasta (zie hierboven of koop deze kant en klaar)
citroengras
2 citroenen of limoenen
rode peper
paar cm verse gember
coconut cream (of kokosmelk mag ook)
groente naar keuze, ik gebruikte bijvoorbeeld babymais, sugars snaps en lenteui


Spoel de vissen af onder de kraan en wrijf ze droog met het papier. Leg ze op een royaal stuk aluminium folie. Vul de buikholte van de vissen met stukken rode peper, lemongrass, citroen en gember.


Bak in wat olie een paar eetlepels groene currypasta aan en voeg het sap van een citroen of limoen, wat vissaus en een paar eetlepels coconut cream of een half blikje kokosmelk toe. Verwarmen het mengsel eventjes door en sprenkel het dan over de vissen. Strooi de groente en lenteui ook over en naast de vissen. Vouw de folie stevig dicht en bak de vissen in een hete oven (rond de 180 graden) gaar in ongeveer een half uur, afhankelijk van hoe groot je vis is. Serveer met rijst.

Wednesday, 11 January 2012

Hiep hiep, hoera!


Ik weet nog goed, vorig jaar januari, mijn dikke buik. December met zijn lichtjes en lekkers was voorbij en de baby mocht wel komen. Dan duren elf donkere dagen lang, heel lang. Maar eindelijk, opeens, was het zover en vandaag hebben we een feestje. Een klein feestje, voor een klein meisje. Ze wordt één.

En bij een feestje hoort taart. ‘Wat zullen we maken?’ vraag ik de kinderen.
‘Dada,’ glundert Jasmijn.
Tijm denkt diep na. ‘Jasmijn mag geen melk, hè mama?’ vraagt hij.
‘Klopt. En mama geen gluten,’ voeg ik toe. Bakken is niet makkelijk in ons huishouden.
‘Chocola!’ roept Linde.
‘Nee,’ zegt Tijm, ‘Jasmijn mag geen chocolade.’
‘Jawel,’ antwoord ik, ‘ze mag wel pure chocolade. Daar zit geen melk in.’
Tijm schudt zijn hoofd. ‘Ik denk dat ze appeltaart wil.’
Ik kijk naar de fruitschaal. ‘Nee, we hebben maar twee appels.’
Tijm rent naar de keuken en komt terug met een tros bananen. ‘Bananentaart,’ juicht hij. En dan, voordat Linde tegenstribbelt: ‘Nee, ik weet het: bananen-chocoladetaart.’

En zo was het besloten. We maakten een gluten-, en koemelkvrije taart, mét bananen én chocolade. Ik pakte mijn oude, vertrouwde brownie recept erbij. Een simpel recept, zo gemaakt. Ik had het nooit in glutenvrije versie uitgevoerd, maar voor alles moet er een eerste keer zijn. We hoefden dan de boter weg te laten. Aangezien er geen margarine in huis was gebruikte ik een mengsel van cacaoboter, kokosvet en zonnebloem olie (elk 50 g). Het kokosvet gaf een heerlijke zweempje kokossmaak aan de brownies en de geprakte banaan maakte ze heerlijk sappig. Om eerlijk toe te geven, onze vanallesvrij versie smaakte zelfs lekkerder dan het origineel!


Je kunt heel makkelijk variëren met dit recept. Je kunt de originele versie maken door de banaan weg te laten en gewoon tarwemeel en boter te gebruiken. Of, afhankelijk van wat je weg wilt laten een of meer van de ingrediënten te vervangen door een alternatief. Of, beter nog, bedenk je eigen versie.

Bananen brownies

160 boter, margarine of ander soort vet (zie hierboven)
160 g pure chocolade
300 g suiker
170 g meel (tarwe of glutenvrij, ik gebruik Dove’s farm glutenvrij)
1 snuf zout
2 theelepels bakpoeder
1 theelepel vanille-extract
4 eieren
2 geprakte bananen
handvol gehakte noten (optioneel)

Smelt de boter of ander vet met de chocolade in een steelpan. Zet het vuur uit. Voeg dan een voor een de suiker, het meel, de eieren en de andere ingrediënten toe, terwijl je goed roert. Aan het einde voeg je de geprakte bananen, en als je wilt een handvol gehakte noten of bijvoorbeeld gedroogde abrikozen of dadels toe. Giet het beslag in een ondiepe ovenschaal en bak op 180 graden gaar in ongeveer 30 minuten.

Friday, 6 January 2012

Inspiratie, of het gebrek hieraan

De lichtjes van december zijn gedoofd, de kerstboom heeft het veld geruimd maar de winter duurt nog lang. De klad komt erin, in mijn hoofd en in mijn keuken. Ik heb geen inspiratie. Ik gooi dingen in een pan, roer wat, meng wat kruiden en serveer. Ik verontschuldig me bij voorbaat als ik het, nog in de pan, op tafel zet. Ik heb niet eens geproefd. Vrolijk neemt Roel grote happen. Met volle mond knikt hij, lekker. ‘Eigenlijk is jouw koken zo op zijn best. Als je niet nadenkt, maar op je intuïtie kookt.’
Voor ik beledigd ga uitroepen of hij bedoelt dat ik niet kan koken als ik wél nadenk neem ik snel een hap. Hij heeft gelijk. De ‘kip’curry van quornstukjes, fenegriekbladeren en groente is heerlijk. Een kwak yoghurt, wat korianderblad, twee chutneys, rijst en het is een koningsmaal. Wat erin zat? Ik zou het niet weten.
De volgende dag maak ik een linzengerecht om bij het restant van de curry te serveren. Weer roer en meng ik kruiden en restjes uit de ijskast. Ik ruik. Lekker, maar Indiaas? Dat niet. Uiteindelijk eten we Mexicaanse, pittige linzensoep, geserveerd met zure room, koriander en tortillachips. De curry gaat de vriezer in. Zo kook ik, zonder plan, zonder doel, en wat het wordt weten we pas als het af is.

Op mijn werk heb ik het moeten ik het leren, notities maken. Nadenken, mijn gevoel gebruiken, de inspiratie laten stromen maar in duidelijke banen leiden. Alle recepten en nieuwe ijsjes die ik bedacht moesten reproduceerbaar zijn. Op te schalen naar porties van duizenden kilo’s. Elke gram aroma moest genoteerd. En nu profiteer ik, want in deze inspiratieloze week vol heerlijk, niet beschreven of gefotografeerd gebroddel, duik ik in mijn archief. Dat gelukkig genoeg recepten bevat waar ik nadacht, opschreef wat ik deed en een foto maakte.


Ik duikel een prachtig recept op, met verse dadels. Verse dadels doen me meteen denken aan verre kusten, geurige soeks en hete zon. Als ik mijn ogen dichtdoe kan ik negeren dat ik ze kocht bij de Aziatische winkel in een winderig Luton. Met dit recept kun je elke koude winterdag opfleuren. Verse dadels en ingemaakte citroen vind je in oosterse winkels, kun je geen verse krijgen gebruik dan gedroogde. Ingemaakte citroen kun je ook makkelijk zelf maken maar dat duurt een paar weken, hier vind je het recept. Je kunt ook schil en sap van een gewone citroen gebruiken.



Schotel met zoete aardappels, pompoen, verse dadels en citroen

1 kleine pompoen
600-700 g zoete aardappel
2 uien
2 cm verse gember
1 ingemaakte citroen
sap van een citroen
handvol verse dadels
handje olijven
handje verse munt en koriander
yoghurt
gedroogde specerijen: komijn, koriander, piment, kardemom en kruidnagel
olie, peper en zout

Was de pompoen en snijd hem in stukken (schillen hoeft niet, mag wel). Schil de aardappel en snijd deze ook. Snijd de uien doormidden en dan in dunne ringen. Verhit een royale scheut olie in een koekenpan en fruit de ui. Snijd of rasp de gember fijn en doe deze erbij, samen met een grote theelepel komijn, koriander en piment, en een halve theelepel kardemom en kruidnagel. Bak de ui en de kruiden lichtbruin. Snijd de ingemaakte citroen heel fijn, en hak ook de dadels grof. Meng de pompoen, zoete aardappel met het uimengsel en roer de dadels, de helft van de fijngehakte citroen en het citroensap erdoor. Doe het mengsel in een grote ovenschaal en bak het op 180 graden ongeveer een half uur, of iets langer afhankelijk van je oven, tot de pompoen en aardappel gaar zijn. Strooi bij het serveren de olijven en de rest van de citroen erdoor. Serveer met de munt, koriander en een kwak yoghurt.

Thursday, 29 December 2011

Napret

Kerst is weer voorbij. En wat een drukte was dat. Ons o zo kalme drietal werd verder versterkt door twee kleine neven. Waarvan vooral de kleinste, amper zes weken oud, zich liet gelden. Nu is iedereen weer naar huis en de rust zal over een jaar of achttien wel weer wederkeren. Wat zo heerlijk is na alle drukte van kerst is dat je de eerste dagen in ieder geval niet hoeft te koken. Je eet simpelweg de restjes van het festijn.

In Engeland staan de bladen vol recepten voor curry van leftover turkey, maar dat was me zelfs teveel moeite. Voor het bordje hierboven wokte ik het groen van de leeggeplukte spruitstelen, raspte er wat gember en sinaasappelschil over, en bluste met sinaasappelsap en honing. Daarna roerde ik er wat fijngesneden restjes gans door en serveerde met een kliekje aardappelpuree. Weer een dag klaar. Jasmijn eet al dagen restjes bietensoep gemengd met diezelfde puree en smult ervan.

Nu begint de bodem van de ijskast toch in zicht te komen. De restjes worden specifieker en er moet weer gekookt worden. Deze schotel maakte ik met een restje mince meat. En nee, dat is geen gehakt. Het is het zoete mengsel van gedroogde vruchten en drank waarvan de Engelse mince pies worden gemaakt. Heb je dit niet staan, gebruik dan een mengsel van gedroogde zuidvruchten als rozijnen, krenten, gedroogde appeltjes, citroen en sinaasappelrasp, bruine suiker en niet te vergeten een scheut brandy. Het is een geurige, kruidige winterschotel die zelfs de somberste dag een beetje kan opfleuren.

Zuurkoolschotel met mincemeat en notenkruimel

1 kg aardappel

4 pastinaken

1 selderijknol

1 kg zuurkool

gedroogde abrikozen

mincemeat (of het mengsel hierboven beschreven)

gemengde specerijen (nootmuskaat, kaneel, kruidnagel, piment)

80 g (glutenvrij of gewoon)meel

40 g boter of harde margarine

handje geschaafde amandelen

Schil en snijd alle knollen fijn, kook ze in ruim water gaar en stamp er puree van. Voeg wat melk toe om hem smeuïg te maken, en wat olie, peper, zout

Meng dan de zuurkool met 5 grote eetlepels mince meat, of meer naar smaak, en een handje gedroogde fijngesneden abrikozen. Proef, en kruid eventueel wat bij met wat extra nootmuskaat, kaneel, kruidnagel en piment.

Kneed dan het meel en de boter tot een kruimelig deeg. Roer er de amandelen door. Kruid met ongeveer 1 theelepel nootmuskaat, 1 theelepel kaneel, 1/2 theelepel kruidnagel en een 1/2 theelepel piment,

Leg in een grote ovenschotel een laag zuurkool en schep daarover de puree. Strooi eroverheen het kruimeldeeg. Bak het geheel een half uur in de oven op 200 graden.

Tuesday, 20 December 2011

Een eigen huis


Belletjes klingelen, lichtjes fonkelen en kerstliedjes zwieren zachtjes door de kamer. Kersttijd is aangebroken. Hagel en storm beuken buiten tegen het huis, maar gelukkig is het vakantie en hoeven we nergens naar toe vandaag. We blijven binnen. Binnen is het warm en ruikt het naar sparrennaalden en kruidige koek. De kerstvakantie duurt nog lang maar wij vermaken ons met leuke dingen doen. Lekkere dingen. We gaan een peperkoek huis bakken.

Maar wat voor een? Een glutenvrije, zodat ik zelf mee kan eten? En koemelkvrij voor Jasmijn? Koken in ons huis is niet makkelijk meer.
Is het mogelijk een stevig genoeg recept voor glutenvrije peperkoek te bedenken, waar ik een huis van kan maken dat niet in elkaar stort? Natuurlijk, ik houd van een uitdaging.

Alleen, ik heb Moodkids een artikel beloofd, mét foto’s van mijn huis, dus ik kan geen risico’s nemen. En niet zit iedereen te wachten op een glutenvrij recept. Ik eindig met niet één, niet twee maar drie recepten. Een simpel recept voor een makkelijk, stevig huis, mét gluten, zonder ei. En een glutenvrije variant, beproefd en geproefd. Als laatste maak ik een traditioneel Duits recept voor Lebkuchen, op basis van roggemeel.

Alledrie de varianten zijn geschikt voor het maken van een huis en we bouwden er twee helemaal af, met succes. De glutenvrije peperkoek breekt wat sneller dan die gemaakt met tarwemeel, maar breuken kun je lijmen met wat glazuur en als het huis eenmaal staat is het stevig. Roggemeel is heel laag in gluten, maar levert toch een stevig huis op. Aangezien ik grof roggemeel gebruikte werd de koek wat ruw van structuur, ik zou een fijner roggemeel aanbevelen. De smaak van lebkuchen doet een beetje denken aan ontbijtkoek, die immers ook van roggemeel wordt gemaakt.

Peperkoek (naar keuze glutenvrij of zuivelvrij te maken)

250 g koude boter, in stukjes *
600 g meel (naar keuze tarwe of glutenvrij**)
200 g fijne bruine suiker
7 eetlepels stroop
1 ei (alleen bij glutenvrij)
2 theelepels bakpoeder
1 theelepel kaneel
4 theelepels gember
1 eetlepel xanthaan gom (alleen bij glutenvrij)
1 eetlepel vlozaad (psyllium husk) (alleen bij glutenvrij)

* Dit kun je vervangen door een zuivelvrije harde margarine
** Ik gebruik Dove’s Farm glutenvrij meel.

Er is veel te doen dus ik zet de kinderen aan het werk. Eerst maken we het deeg. In een grote kom mengen we de ingrediënten door elkaar. Samen kneden we het mengsel tot een soepel deeg.
Mocht het deeg te nat worden voeg dan wat extra lepels meel toe, het moet niet plakkerig zijn. Als het netjes gemengd is leggen we het deeg een half uurtje in de ijskast om op te stijven. Als het klaar is zetten we de oven aan op 200 graden om voor te verwarmen.


We bestrooien een snijplank en onze deegroller met wat meel en rollen het deeg tot dunne plakken van ongeveer een halve centimeter dik. Daaruit snijden we een dak en muren voor ons huis. Als je wilt kun je een deur en ramen uitsnijden. Om het makkelijker te maken kun je de Moodkids template gratis downloaden.
We bakken de muren en dakpanelen ongeveer 10 tot 12 minuten. Als we ze uit de oven halen laten we ze helemaal afkoelen op de plaat, zonder ze aan te raken! Ze zijn nu nog erg zacht en anders zullen ze breken, zeker de glutenvrije exemplaren. Eenmaal koud zijn de delen stevig en kunnen we het huis in elkaar zetten. Omdat het een precies werkje is waarvoor vier handen nodig zijn, liefst niet van peuters en kleuters, doen papa en mama het ’s avonds samen. Dan kan het meteen goed drogen gedurende de nacht. Om het huis in elkaar te lijmen mengen we 250 g poedersuiker met een eiwit tot een stevig glazuur.

Voeg eventueel nog wat water of juist extra poedersuiker toe, het glazuur moet net vloeibaar zijn maar niet te dun, anders droogt het te langzaam. Met een spuitzak, bijvoorbeeld gemaakt van een plastic zakje waar een puntje uit is geknipt, kitten we de muren van binnenuit dicht. Mocht je breuken krijgen in je panelen dan kun je ze met het glazuur lijmen. Laat ze dan wel goed drogen voordat je verder bewerkt. De breuklijnen kun je later tijdens het versieren bedekken.

Als het huis klaar is komt het leukste, het versieren. Je kunt alles gebruiken wat je mooi vindt. Koekjes, snoepjes, marshmallows, chocolade, zuurstokken, gekleurde sprinkels. Met hetzelfde glazuur waarmee we het huis in elkaar gekit hebben plakken we de versieringen vast. Als je met kleine kinderen werkt zet dan je perfectionisme opzij. Laat ze lekker rommelen, het wordt hún huis en als je een heel strak gestileerd huis wilt kun je het beter alleen maken. Pas wel op met wriemelende peutervingers, het glutenvrije huisje is fragiel.


Het is een goed idee heel kleine kinderen niet direct aan het huis zelf te laten werken. Maak van de restjes deeg die je overhebt kerstboompjes, sterren, peperkoekmannetjes of simpelweg rondjes. Laat de kinderen deze versieren en plak ze later tegen de wanden aan. Ziet je huisje toch wat al te gammel uit? Een flinke sneeuwbui van poedersuiker doet wonderen. Of spatel een paar flinke lepels wat dunnere glazuur over het dak en laat hem naar beneden druipen. Zo bedek je meteen eventuele oneffenheden.




Lebkuchen

600 g roggemeel
350 g suiker
4 eieren
80 g honing
1 eetlepel bakpoeder
3 à 4 eetlepels kruiden (gember of speculaaskruiden)

Kneed de ingrediënten door elkaar tot een soepel deeg. Laat het enkele uren op kamertemperatuur rusten. Verwerk het dan als boven beschreven, maar bak het op 165 graden circa 20 minuten.



En zo kan iedereen genieten van zijn eigen huis. Met of zonder gluten, melk, ei of tarwe. Eet smakelijk, en een heel fijne kerst!

Een deel van dit artikel verscheen ook op Moodkids

Tuesday, 13 December 2011

Soep

Soep is lekker. Soep is gezond. Soep is heel makkelijk te maken. Soep maakt je warm nadat je overvallen bent door een hagelstorm. Ik zeg dus: Eet meer soep.

Al deze recepten zijn met wat stevig brood en boter geschikt als warme maaltijd.

Borsjt


Borsjt is een prachtig dieprode bietensoep die vooral in Oost Europa en Rusland wordt gegeten. Een Poolse kennis vertelde mijn moeder dat in borsjt alles kan en mag, zolang er maar bieten ingaan. Ze vond het een prachtige soep om restanten groente in te verwerken. Dit is mijn borsjt geworden. Ik had er graag nog wat friszure appel bij gedaan, maar die was net op, dus voegde ik als zure component een paar eetlepels citroensap toe. Je kunt ook een scheutje azijn toevoegen.

8 bieten
3 aardappels
halve selderijknol
kwart rode kool
1 ui
2 wortels
laurier
citroensap, naar smaak
bouillon (groente of rund)

Snijd alles fijn. Fruit de ui zachtjes aan in wat olie. Voeg de rest van de groente toe en overgiet het geheel met de bouillon. Laat het ruim een half uur koken, totdat alle groenten zacht zijn. Pureer dan de soep glad. Serveer de soep met zure room en verse dille.

Ham-preisoep


Laatst kookten we weer eens een Gammon, een flinke beenham, en het kookvocht daarvan is een heerlijke ham-bouillon. Samen met de restjes ham aten we de volgende dag deze engelse klassieker. Heb je, toevallig, net geen ham gekookt gisteren dan kun je ook een andere bouillon gebruiken. Liefst wel van varkensvlees, of anders groente. Voor een vegetarische variant vervang je de ham door paddestoelen.

1 ui
2 grote of 3 kleinere aardappels
3 middelgrote preien
bouillon
150 ml room
handvol ham, in kleine stukjes

Snijd de ui en fruit hem aan. Was en snijd ook de prei en fruit deze mee. Schil de aardappels en snijd ze in kleine stukjes. Gooi ze bij de prei en roer even om. Overgiet het geheel met zoveel bouillon tot het ruim onder staat en laat doorkoken tot de prei en aardappels gaar zijn, ongeveer twintig minuten. Voeg dan de room toe en pureer alles fijn. Voeg vlak voor het serveren de ham erdoor.

Zuurkoolsoep


Zuurkool is in Engeland moeilijk te krijgen. Gelukkig hebben we zo onze manier om toch en voorraadje te krijgen. Het liefst maak ik er soep van. Er was ooit een recept, lang geleden, ik meen uit de Allerhande. Maar dat is al jaren kwijt, dus nu maak ik mijn eigen versie.

1 pak zuurkool
2 aardappels
1 blikje ananas op sap
1 ui
groentebouillon
gemengde groene kruiden (tijm, salie, rozemarijn)
150 ml crème fraiche

Snijd en fruit de ui. Voeg de zuurkool toe, de in stukken gesneden aardappel en overgiet alles met de bouillon tot het net onder staat. Giet het sap van de ananas erbij. Kook tot de aardappelen gaar zijn. Roer dan de soep stevig zodat de aardappel uit elkaar valt en de soep bindt. Je kunt hem pureren maar dan verlies je de textuur van de zuurkool en ik vind zelf dat dat de soep wat saaier maakt. Voeg op het laatst de stukjes ananas toe en de crème fraiche. Als je wilt kun je er bij het serveren nog wat reepjes ham of uitgebakken ontbijtspek op strooien.

Binnenkort meer soeprecepten. De winter is nog lang niet voorbij. Op dit moment droom ik van kastanjesoep (geweldig voor het kerstdiner ware het niet dat Roel niet van kastanjes houdt) en zoete aardappel-pindasoep. Recepten volgen.