Showing posts with label lente. Show all posts
Showing posts with label lente. Show all posts

Wednesday, 4 April 2012

Lente, Pasen en de wrede natuur


Op de schapen boerderij knuffelden de kinderen de pasgeboren lammetjes. We zagen schapen scheren, wol spinnen en we aten een ijsje in de zon. Op de tractor reden we over de groene weiden met bosjes, heuveltjes en geulen, waar schapen vredig graasden en hun dartele lammetjes huppelden. Ik weidde er tegen de kinderen niet over uit, maar mocht mijn moeder komende paaszondag een Britse lamsbout op tafel zetten zou ik daar geen problemen mee hebben. Dat geldt niet voor elk vlees. De oplettende lezer zal het wel opgemerkt hebben: ik kook veel vegetarisch. Niet dat ik principiële problemen heb met vleeseten. Puur natuur, tijgers en leeuwen doen het immers ook. Maar wel met de vleesindustrie. Met kippen die ploffen en varkens in hokken zo klein dat ze van ellende elkaar staarten afknagen. Niet hun eigen, daar kunnen ze niet bij, want ze kunnen letterlijk hun kont niet keren. Ook is de productie van vlees een grote belasting op het milieu, vandaar dat we vleeseten beperken tot af en toe. Met Pasen, bijvoorbeeld. En als ik vlees eet, eet ik het liefst wild, dat geleefd heeft zoals het hoort.

Onze eerste jaren in Engeland huurden we een cottage op een boerderij. De boer keek vreemd op van onze tamme konijnen, die los door de tuin renden. Voor hem waren konijnen een plaag, die zijn oogst verwoesten. ’s Avonds reed hij met zoon en broer in hun jeep rondjes over het land, de beestjes verblindend met hun lampen, om ze dan, verstard stilzittend, meedogenloos neer te knallen. Zijn vriezer lag er vol mee. De meeste werden aan de honden gevoerd, maar soms aten ze ze ook zelf. Ook wij kregen er wel eens een toegestopt. Dat prachtige huisje, de royale tuin en het uitzicht over de velden als ik mijn tanden poetste, ik mis ze. Minder mis ik het gebrek aan centrale verwarming, de schimmel op de muren en het lekkende dak. Maar die wilde konijnen, daar denk ik nog wel aan terug. Je ziet ze weinig in winkels, de Engelsen blieven ze niet. Maar als ik ze vind, eet ik ze met smaak: ze kosten haast niets, hebben een goed leven gehad, en zijn geen zware belasting geweest voor de wereld. Wel moet je ervan houden, ze hebben een sterke wildsmaak. Het liefst bereid ik ze in een zoetige saus. Een wild konijn is een maaltijd voor twee personen.


Het recept hieronder kun je ook gebruiken voor tam konijn, kip, fazant, of iets anders naar keuze.


Konijn met gekarameliseerde uien en rozijnen

1 (wild) konijn
3 uien
2 theelepels kaneel
1/2 theelepel kruidnagel
1/2 theelepel nootmuskaat
handvol rozijnen
citroen
ongeveer halve liter (groente) bouillon

Snijd de uien in dunne ringen, en bak ze in ruim olie of boter in een braadpan met dikke bodem. Net als wanneer je uiensoep maakt wil je dat ze langzaam bruin en zacht worden. Hiervoor moet je ze op middellaag vuur ongeveer een kwartier lang langzaam bakken. Voeg als ze bijna klaar zijn de kruiden toe (wees royaal) en bak die even mee. Schep dan de uien uit de pan, en doe indien nodig wat extra vet in de pan. Snijd het konijn in handzame stukken. Braad het de stukken aan zodat ze rondom bruin zijn, het zou kunnen dat je dat in twee keer moet doen als je pan niet groot genoeg is. Doe dan de uien, rozijnen en alle konijn terug in de pan, en overgiet met de bouillon tot het net onder staat. Laat het geheel, met een deksel scheef op de pan, een uur a anderhalf koken, tot het konijn gaar is. Het vlees van een wild konijn blijft vrij stevig en donker.

Tuesday, 29 March 2011

Lentekool


Het is lente. De narcissen steken hun koppen uit de knoppen, bloesem verschijnt aan de bomen. Het is tijd de moestuin te inspecteren. We hebben van alles gezaaid, maar eerst moet de moestuin leeggegeten, voordat de kiemplantjes klaar zijn om geplant te worden. De meeste dingen die we in het najaar plantten staan er treurig bij. De lenteui is inimini. De gewone ui nog kleiner. De spinazie daarentegen begint langzaam uit te lopen. Maar we laten hem nog even. Het overvloedigste groen komt van de kool. De lentekool. Je ziet hem in Nederland niet veel, hier in Engeland is hij erg populair. Spring greens. Of spring cabbage. Zoveel soorten zoveel namen. Je plant hem in het najaar en in de lente is hij klaar voor de oogst. Het is een losse, lichte kool. Heerlijk om te roerbakken, met wat boter, of in olie, met knoflook, gember en sojasaus. Maar vandaag maken we wat anders. Tijm helpt met plukken. We zoeken grote, hele bladeren, niet aangetast door pikken van duivengespuis. Want we moeten kunnen rollen, want we maken koolrolletjes. Het lijkt veel werk, maar valt erg mee. En het is de moeite waard. Je kunt met de vulling alle kanten op. Ik mestte de vriezer uit en het werd lamsgehakt. Voor een vegetarische variant kun je dit makkelijk vervangen door champignons, of quorn, of tofu. En alle andere ingrediënten kun je ook vervangen door iets anders. Als je wilt. Als je maar rolt. Deze combinatie is goddelijk, het venkelzaad door het gehakt en de venkel in de saus complementeren elkaar en verheffen de vettige smaak van het gehakt. De rozijntjes waren een idee van Tijm, ze maken het lekker zoet. Een topkok in de dop.


Koolrolletjes met venkelsaus

Ongeveer 15 a 20 koolbladeren

voor de vulling
1 ui
1 eetlepel venkelzaad
1/2 theelepel kaneel
1/2 theelepel nootmuskaat
1 theelepel paprikapoeder
400g lamsgehakt of champignons
50 g geroosterde pijnboompitten
50 g rozijnen
1 kop gekookte rijst

voor de saus

1 ui
1 venkelknol
2 a 3 stengels selderij
1 blik tomaten
1/2 liter tomatensap of water

Begin met de saus. Snijd de ui en fruit hem aan. Snijd dan de venkel en selderij en bak die een tijdje mee. Voeg dan het tomatensap toe, en laat het geheel koken tot de groente gaar is.

Maak dan de vulling. Snijd de ui fijn en fruit hem aan in wat olie. Doe de droge kruiden erbij en bak een paar minuten tot de ui glazig is. Doe dan het gehakt of de champignons erbij en bak ze bruin. Doe de rijst, de rozijnen en de pijnboompitten erbij en meng het geheel goed door. Breng op smaak met peper en zout.

Blancheer of stoom de koolbladeren kort, een paar minuten, tot ze soepel zijn, maar niet langer want dan scheuren ze. Ik deed het in een aspergestoompan, dat scheelt water en gas. Verwijder eventuele harde stelen. Leg dan een of meer eetlepels, afhankelijk van de maat van de bladeren, op elk blad en rol ze half dicht, vouw de zijkanten naar binnen en maak er een pakketje van. Als je ze niet te vol doet zouden ze niet uit elkaar moeten vallen. Ga niet proppen. Ik moest halverwege Tijm naar de tuin sturen voor meer bladeren.



Intussen zouden de groente van de saus wel gaar moeten zijn. Pureer het geheel fijn. Leg de koolrolletjes in een ovenschaal en overgiet ze met de saus. Laat ze ongeveer veertig minuten gaarbakken in een voorverwarmde oven op 180 graden.