Showing posts with label limoen. Show all posts
Showing posts with label limoen. Show all posts

Wednesday, 29 May 2013

Luizenleven

Als expatvrouw in Singapore zou ik alle tijd van de wereld moeten hebben. Hulp in huis, dus geen schoonmaak te doen. Ja, de boodschappen kosten wat meer tijd, maar met twee kinderen op school, en de derde drie ochtenden in de week op de peuterschool én een permanent beschikbare babysit, zouden er zeeën van tijd over moeten blijven. Ik heb een luizenleven. Ik zou me moeten vervelen.

Niets is minder waar. Er zijn altijd te weinig uren in de dag, afspraken moeten met moeite ingepland, soms verschoven, en bloggen schiet er meer dan regelmatig bij in. Vorig jaar in Engeland, zonder hulp en geen enkel kind dagelijks op school lukte het me elke week meerdere stukjes te schrijven, en nog een boek uit te geven bovendien. Wat, vraagt Roel me dan ook terecht, doe ik in vredesnaam met mijn tijd?

Geen idee. Schrijven, dat wel, want ik schrijf nog wat free-lance. Maar van de boeken die al jaren in mijn hoofd zitten en die ik nu de kinderen naar school gaan zou schrijven, staat nog geen letter op papier. Naar artsen en ziekenhuizen gaan vergt veel te veel, vervelende tijd. Kleine, niet te vermijden zaken als naar het postkantoor, massage of osteopaat voor mijn schouder, die ene ver-weg winkel met dat fijne glutenvrije meel, of die markt waar je de snelweg voor op moet maar waar ze wel zo’n fijne Thaise kraam hebben. Hulpmoeder zijn op school. Naar de playgroup met Jasmijn. En, toegegeven, heel af en toe iets leuks voor mezelf, zoals een kookcursus Thais of Indiaas eten.

Op een of andere manier weet ik mijn dagen meer dan te vullen. Toen ik laatst een collega moeder sprak die vertelde dat ze stiekem wel eens, doordeweeks, in haar eentje naar het strand ging om daar op zo’n strandtent op een lounger met een boek een ochtend door te brengen was ik stikjaloers. Dat wilde ik ook. En ik zou het gaan doen ook, nam ik me voor. Een maand later is het er nog niet van gekomen, ben ik nog steeds druk, gestresst, overwerkt. En dat voor een werkeloze met hulp in de huishouding. 


Maar goed, genoeg gezeurd, hoe druk het allemaal ook, er is altijd tijd voor een lekkere, snelle taart om de boel op te fleuren. De limoenboom bloeit en deze key lime pie is steevast een groot succes bij iedereen, en makkelijk glutenvrij te maken als dat nodig is.

Voor de taartbodem kun je van alles gebruiken, in Amerika gebruiken ze traditioneel ‘Graham Crackers’, een soort zanddeeg koekjes, die ze verkruimelen en met een paar eetlepels gesmolten boter mengen. Dat mengel stamp je dan met een lepel aan op de bodem van je taartvorm. Je kunt, net als wij vaak doen met een kwarktaart, eigenlijk alle soorten (glutenvrije) koekjes hiervoor gebruiken.

Aangezien ik toen ik deze taart de laatste keer maakte net niets aan koekjes in huis had maakte ik mijn eigen glutenvrije shortbread recept (zonder de gember en citroen, maar dat mag natuurlijk wel), en bakte het direct in de vorm. De hoeveelheid van dit recept geeft een vrij dikke bodem, maar omdat het limoenmengsel mierzoet is vond ik dat eigenlijk heel goed werken. 


Key Lime Pie
1 taartbodem (zie hierboven)
1 blikje gecondenseerde, gezoete melk (397g)
125 ml limoensap
5 eigelen

Roer het limoensap, de gecondenseerde melk en de eigelen goed door elkaar en giet dit mengsel op de taartbodem. Bak de taart op 180 graden ongeveer 10 minuten. Let goed op dat hij niet bruin wordt, dan smaakt hij wat aangebrandt.

Je kunt als je wilt de eiwitten opkloppen en wat suiker toevoegen en hiervan een merengue boven op de taart spuiten

.

Monday, 3 December 2012

Een zoete hap

Singaporians houden van suiker. Ze stoppen het graag overal in, met weinig mate. In drankjes, brood, snacks. Maar ook op plekken waar je het nooit zou verwachten. Een paar maanden geleden, we woonden nog maar net in Singapore, aten we eens taco’s. Gewoon ouderwets gemakkelijk, van die krokante, gevouwen maistortilla’s, met een simpele vulling van onder andere gekruid gehakt, tomaat, sla en kaas. Roel maakte, bij gebrek aan zure room, een sausje van naturel yoghurt. Ik maakte mijn favoriete opgebakken bonen (refried beans) door wat ui en knoflook te bakken, daar wat uitgelekte kidneybonen aan toe te voegen en het geheel grof te pureren en te bakken in olie. (Het lekkerst zijn deze opgebakken bonen overigens als je gedroogde pinto bonen gebruikt, deze een nacht laat weken, en dan zelf kookt. Maar dat is een hoop werk, we waren moe, en met een blikje kidneybonen zijn ze ook best smakelijk)

We gingen zitten voor onze snelle maaltijd en vulden hongerig onze schelpen. De sla, kaas en saus puilde aanlokkend over de rand en ik nam een grote hap. Knapperende taco, frisse sla, zoutige kaas. En zoete saus. Zoete saus? Ja, de naturel yoghurt in zijn lichtblauwe bak bleek, bij nader onderzoek, stevig gezoet. Och ja, haalden we onze schouders op, beter opletten, hoofdschudden we, en namen nog een hap, door het zoet naar het pittige gehakt en de frisse tomaat. Tot we, tot onze grote verassing op de bodem weer stuitten op zoet. Ik moest er het blikje voor uit de prullenbak opdiepen voor ik het geloofde, maar jawel; ook de kidneybonen waren gesuikerd.


Dat hadden we natuurlijk moeten weten. Kidneybonen worden namelijk in Azië vooral gebruikt in zoete gerechten, bijvoorbeeld chendol, of ijs katjang, een toetje van vrolijk gekleurd schaafijs met gecondenseerde melk, jellysliertjes, palmpitten en niet te vergeten maiskorrels en kidneybonen. Katjang betekent immers boon in het Maleis. IJs katjang is prachtig om te zien met zijn felle kleuren siroop en smaakt koel en verfrissend. Maar ook heel apart, en voor veel westerse mensen is de smaak een paar bruggen te ver.


Vandaar vandaag een heel ander recept: kiptaco’s. Mexicanen vullen hun taco’s niet vaak met gekruid gehakt, zoals we dat kennen uit de Tex-Mex keuken, maar met gekookt en in reepjes gescheurd vlees, dat weinig of licht gekruid wordt. Omdat de limoenen aan onze nieuwste aanwinst op het terras net rijp waren bracht ik de kip in dit recept op smaak met, hoe kan het anders hier, chili en limoen. Fris en pittig, met sla, tomaat en zoete guacamole. Zo is voor het mij wel zoet genoeg.



Kiptaco’s met limoen en chili
Per persoon 100-150 g kippenvlees
Sap van 2 limoenen
1 of meer rode chilipepers
halve theelepel paprikapoeder
klein blikje maiskorrels
maistaco’s
voor de garnering naar keuze:
ijsbergsla
tomaat
guacamole
zure room


Je kunt voor dit gerecht verschillende soorten kip gebruiken, dijen, poten, borst of zelf een hele, in stukken gehakte kip. Leg de stukken kip in een pan en overgiet ze met water tot ze net onder staan. Laat de kip, afhankelijk van de grootte van de stukken, twintig minuten tot een half uur koken, tot het vlees mals en gaar is en het makkelijk loslaat als je eraan trekt. Giet de kip af (het vocht is nu een geurige bouillon: bewaren dus)


Laat het vlees een beetje afkoelen zodat je je vingers niet brand en trek dan het vlees met je handen of twee vorken los in kleine reepjes. Breng het vlees op smaak met fijngesneden chili, peper, zout, paprikapoeder en roer er de maiskorrels door. Als je van pittig houdt kun je in plaats van mild paprika poeder de hete ‘smoked paprika’ gebruiken.


Verhit de taco’s in de oven, en serveer ze met de kip, sla, tomaat, guacamole en eventueel zure room.

Tuesday, 9 October 2012

Thaise Mie uit Singapore

Voor me aan de beurt bij het tofu en noedel kraampje op de markt is een oude Chinese mevrouw met haar jonge Filippijnse helpster. De oude dame bestudeerd langdurig haar lijstje, en kijkt eerst haar helpster, dan de marktkoopman aarzelend aan. De kraam voor haar ligt hoog opgetast met heel veel soorten noedels; gele, witte, in verschillende diktes en lengtes. En bijna net zoveel soorten tofu. Smeuïge witte, zacht als crème. Stevige gele blokken. Gebakken of rauw.
Ze heeft mie nodig, en tofu, leest het dametje op, en kijkt vragend naar de overdaad voor haar.
‘Wat gaat u maken?’ vraagt de koopman.
'Mee Siam,' antwoordt de dame.
De man schept dunne, witte rijstvermicelli in een zakje. Dan pakt hij gefrituurde tofu puffs van het touwtje boven het schap. Het laatste pak, constateer ik bezorgd. En taugé, wijst hij, dat heeft u ook nodig. Het vrouwtje knikt. Ze rekent af, geeft de boodschappen aan het meisje en schuifelt verder.
Nu ben ik aan de beurt. Ik wijs naar het lege touw boven zijn toonbank.
‘Heeft u geen tofu-puffs meer?’
Hij rommelt wat in dozen achter de kraam. ‘Wat gaat u maken?’ vraagt hij.
‘Mee Siam,’ grijns ik.
Hij lacht tandeloos terug.
‘Mee Siam erg populair vandaag,’ grinnikt hij.
Hij rommelt verder en diept een pak tofu puffs op uit een witte zak.
‘Kleine maat,’ mompelt hij. ‘Maakt niet uit, mam, goed voor Mee Siam.’
Ik knik.
Zonder dat ik verder iets hoef te zeggen schept hij een paar handen rijstmie en taugé in zakjes. Ik reken af en loop door naar het kruidenwinkeltje. Daar zie ik het oude dametje en haar helpster weer. Langzaam, een voor een, werkt ze het lijstje in haar hand af. Tau Cheo. Gedroogde garnalen. Trassi. Candlenuts. Tamarinde. Het duurt me te lang, en ik steek over naar de groentekraam aan de overkant voor limoenen, bieslook, sjalotten, knoflook en chili. Op weg terug naar het kruidenwinkeltje kruis ik de Chinese vrouw weer, op weg naar de groentekraam. Ze knikt me toe en vriendelijk lach ik terug.

Als ik de waren thuis uitpak zie ik de ogen van de tofu-man weer grijnzen en het oude dametje knikken. Mee Siam is zeker populair vandaag. En niet alleen vandaag. Mee Siam is een echte Singaporese klassieker uit de Nonya keuken, de Singaporese fusionkeuken met invloeden uit China, Maleisië en de rest van Azië. De naam betekent mie uit Siam, Thailand dus, maar in Thailand zelf zul je het gerecht niet vinden. De kruiden die gebruikt worden zijn wel degelijk beïnvloed door onder andere de Thaise keuken, vooral limoenen die dit gerecht zijn frisse specifieke smaak geven. De rijstnoedels kunnen droog worden geserveerd, maar worden meestel overgoten met een heerlijk frisse zoetzure soep.

Je kunt, zoals bij veel klassiekers, zoveel recepten vinden als er koks zijn, en sommige zijn erg bewerkelijk. Ik maakte een ‘eigen’ recept, wat makkelijker uitvoerbaar is omdat het dezelfde kruidenpasta gebruikt voor soep en noodles. Het werd goedgekeurd door mij, Roel, en onze Indonesische hulp die al 12 jaar in Singapore woont, dus ik durf het te zeggen: mijn Mee Siam smaakte echt, zo als het hoort!

De meeste ingrediënten voor Mee Siam kun je krijgen bij een goed gesorteerde toko. Een aantal kunnen lastiger zijn:

  • De candlenuts, oftewel keriminoten of buah keras zijn vettige noten die de kruidenpasta voller van smaak maken. Je kunt ze vervangen door macademianoten.
  • Tau cheo is een pasta van gefermenteerde sojabonen. Ook deze kan lastig te krijgen zijn, hier vind je een link met merken die in Nederland te krijgen zijn. Mocht je de tau cheo niet kunnen vinden dan kun je hem eventueel vervangen door miso, Japanse gefermenteerde sojabonen pasta. (voor mensen die glutenvrij eten: Er zit vaak tarwemeel in deze sojapasta's. Door de fermentatie zal echter, net als in natuurlijk gefermenteerde sojasaus, zo goed als alle gluten verdwijnen. Ikzelf kan de pasta zonder problemen eten, maar als je erg gevoelig bent pas dan op. Veel japanse miso-pasta's zijn gemaakt van rijst en wel glutenvrij)
  • Voor Mee Siam worden calamansi limoenen gebruikt. Deze kleine groene limoentjes hebben een licht oranje vruchtvlees en een zoetzure smaak. Om deze smaak te benaderen kun je een mengsel maken van half limoensap, half sinaasappelsap
  • Tofu puffs, zijn luchtig en krokant en je kunt ze in Singapore kant en klaar kopen. Kun je geen tofu puffs krijgen dan kun je gewone tofu nemen en deze zelf bakken, of hem gewoon zo toevoegen.



Mee Siam

Voor de kruidenpasta
4 sjalotten
2 tenen knoflook
3 rode chilipepers
2 eetlepels tau cheo (gefermenteerde sojabonenpasta)
2 eetlepels gedroogde garnalen, geweekt
5 candlenuts (of ongeveer 10 macademianoten)
1 theelepel belacan (trassi)
 
Om te serveren
Dunne, witte rijstnoedels
(gefrituurde) tofu, in blokjes
taugé
garnalen
hardgekookt ei
(chinese) bieslook
limoenen
sambal

Voor de garnering heb ik geen hoeveelheden weergegeven omdat dit niet zo nauw luistert. Ik gebruik per persoon een stuk of 5 garnalen, 1 gekookt ei, een klein handje tofu, een theelepel bieslook, een klein handje taugé en 1 of twee limoentjes (afhankelijk van de maat). Sambal kun je toevoegen naar je eigen smaak. Voor een vegetarische versie laat je de garnalen weg.


Combineer alle ingrediënten voor de kruidenpasta in een blender en maal ze tot een fijne pasta. Week de rijstnoedels, of maak ze klaar volgens de beschrijving op de verpakking. Zorg dat ze net niet helemaal gaar zijn, ander plakken ze aan elkaar tijdens het bakken. 


Zet alle ingrediënten klaar voor de garnering. Snijd de hardgekookte eieren in vier parten en snipper de bieslook. Pel de garnalen en als je rauwe gebruikt bak ze dan kort aan in de wok, eventueel in wat geelwortelpoeder (koenjit) voor een mooie kleur en smaak. De limoenen kun je halveren en zo op de soep leggen, of, zoals ik hierboven beschreef, kun je een per persoon een eetlepel limoensap mengen met een eetlepel sinaasappelsap voor een zoetere smaak.

Verhit wat olie in een wok en roerbak hierin de kruidenpasta in een paar minuten geurig. Haal ongeveer een derde van de kruidenpasta uit de pan en zet deze apart. Roerbak in de rest van de kruidenpasta de noedels kort. Als ze aan de pan vastplakken giet er dan een klein beetje water bij. Voeg aan de rest van de kruidenpasta anderhalve liter water toe en laat de soep even doorkoken.

Om te serveren neem je grote kommen, en leg op de bodem daarvan een portie noedels. Giet daar de soep over. Maak de Mee Siam af met de garnering zoals hierboven beschreven, en een flinke schep sambal naar smaak. 

Vergeet niet voor je gaat eten de limoenen over de soep uit te knijpen!

Friday, 28 September 2012

Tuinkruiden



Nu de dozen in ons nieuwe huis in Singapore uitgepakt zijn is het tijd voor de volgende stap: de buitenruimte inrichten. We hebben groen nodig, veel groen, om de geur en het kabaal van de drukke weg en de bouwput naast de deur te dempen. Ik mis mijn tuin, mijn kruiden en de moestuin. Gelukkig heeft ons appartement, in tegenstelling tot de meeste andere in deze overbevolkte stad, twee royale balkons en zowaar een dakterras. Nu nog kaal en leeg en vol beton, dus we gaan op weg naar het tuincentrum. Het is een waar paradijs. Tropische planten die in Nederland in kleine potjes in de kamer moeten zie je hier in het groot. Vingerplanten, gatenplanten, yucca’s, sanseveria’s, En alles voor een prikje. Ik koop grote palmen in drakenpotten, bougainville, orchideeën. Ons balkon zal een groene oase worden.

Het is me nog niet genoeg. Ik droom van een moestuin op het dakterras, maar in de hete wind en brandende zon verschrompeld mijn eerste poging, een aubergineplant, binnen twee dagen. Verhuisd naar de halfschaduw van het balkon beneden, naast de papaja, fleurt hij weer op en ik richt me op het volgende project: de kruidentuin. Plukte ik in Engeland rijkelijk van mijn tijm, rozemarijn, salie en oregano, hier ziet mijn kruidentuin er compleet anders uit. Op het balkon, in de hete tropenzon, groeien nu djeroek peroet, pandan, sereh, gember, laksa leaf en Thaise basilicum.

Met mijn tuin verandert mijn kookstijl. Van brits en europees naar oosters en geurig. De laksa leaves verdwijnen in de Singapore Laksa soep, de pandan in de rijst, gember, sereh en djeroek peroet in curries, roerbaksels en thee. Of in de kindvriendelijker eigen creaties waar ik me de afgelopen jaren in heb gespecialiseerd. Mijn kookstijl, toch al niet stijlvast, mengt zich steeds verder tot een vreemd mengsel van smaken van over de hele wereld. Fusion? Wellicht. Het begrip tuinkruiden zal voor mij in ieder geval nooit meer hetzelfde zijn!


Een van mijn absolute favorieten is djeroek peroet, ook wel kaffir lime of limau jeruk purut genoemd. De donkergroene, stevige blaadjes kun je vers of gedroogd kopen bij de beter gesorteerde toko. Mocht je een grote bos verse djeroek peroet hebben kunnen bemachtigen dan kun je de blaadjes het beste in de vriezer bewaren, daar blijven ze heel lang goed. De geurige frisse citrussmaak is heerlijk tropisch en kan allerlei gerechten opfleuren.


Oosterse schelpen met djeroek peroet en chili
500g schaaldieren (kokkels, mossels, clams)
1 teen knoflook
8 blaadjes djeroek peroet
sap van 1 limoen
verse chili of gedroogde chilivlokken naar smaak

Dit is een heel snel en makkelijk gerecht uit de wok. Je kunt het eten als voorgerecht, of als licht hoofdgerecht. Gebruik voor een hoofdgerecht 500 g schelpen per persoon, voor een voorgerecht de helft. Vergeet niet het overheerlijke vocht te proeven, doop het op met brood, lepel het als soep, of slobber het op oosters smakkende wijze uit de kom!

Was de schelpen goed in koud water. Gooi alle schelpen weg die bij het wassen niet dicht gaan, deze zijn niet meer levend en kunnen dus bedorven zijn. Ook schelpen die na het koken niet opengegaan zijn moet je niet eten, ook deze kunnen bedorven zijn.

Snijd de knoflook fijn, en de blaadjes djeroek peroet in hele dunne reepjes. Verhit een scheutje olie in een wok tot hij goed heet is. Bak de knoflook snel aan, gooi dan de schelpen erbij en roer een paar keer om. Giet het limoensap erbij, de djeroek peroet en ongeveer een half glaasje water. Als je een deksel hebt, zet dat dan op je wok en laat de schelpen koken tot ze allemaal open zijn. Dat gaat snel, in ongeveer een paar minuten. Draai dan het vuur af en breng de schelpen op smaak met fijngesneden chili, zoveel als je lekker vind.

Ook kleine kinderen kunnen de frisse, zoete smaak van djeroek peroet best waarderen. Kijk eens op Moodkids voor mijn recept voor deze tuinkruiden fritters, waarbij het begrip tuinkruiden natuurlijk geheel Aziatisch wordt opgevat!



Wednesday, 29 December 2010

Reizen in de keuken: Iran


Reizen vind ik geweldig, liefst naar zo ver en vreemd mogelijke landen. Maar aangezien ik de laatste jaren steeds zwanger ben, of met kleine baby’s zit, komt het er minder van dan ik zou willen. De laatste weken van deze derde zwangerschap zit ik lezend en dromend uit, fantaserend over de rest van mijn leven waar ik nooit meer zwanger hoef te zijn. Ik droom over wereldreizen, verre kusten, spannende streken. In ieder geval zonniger oorden dan het mistige Engeland waar mijn ramen uitzicht op bieden.

Er is nog een manier om te reizen. Niet alleen de weg naar een man’s hart maar ook die naar een vrouw’s dromen gaat via de maag. Dus reizen we vandaag in de keuken. Hoog op mijn lijstje met bestemmingen van mijn dromen staat Iran. Een prachtige cultuur, vriendelijke mensen, mooie natuur. En een o zo gezellig regime, dus zolang de kinderen klein zijn blijft het waarschijnlijk bij een culinaire trip. Maar dat is dan ook zeer de moeite waard. De Perzische keuken is verrukkelijk, heel geurig, een van de beste van het Midden Oosten. In Londen kun je heerlijk Iraans eten, in Shepherds Market zit een hele rij restaurantjes. Laatst at ik er een zalig gerecht met gedroogde limoenen. Toen ik naar de ingrediënten vroeg schonk de eigenaar me zijn mystieke oosterse glimlach. Daar moest ik het mee doen. Hieronder het recept van mijn recreatie. Vast heel anders, maar niettemin erg lekker. Je hebt er gedroogde limoenen voor nodig, ook wel Omani limes genoemd, die kun je bij Arabische winkels krijgen. Je kunt ze ook zelf drogen, maar zonder de hitte van de Arabische zon missen ze toch een dimensie. Daarbij een recept voor een goddelijk spinaziegerecht. De Iraniërs laten hun spinazie graag uren sudderen, dus dit is een aangepaste versie, naar mijn eigen smaak. Omdat beide redelijk zure gerechten zijn is het lekker ze te combineren met zoute Halloumi kaas. Dit is een kaas uit Cyprus, die veel gegeten wordt in het Midden Oosten. Je kunt hem grillen, bakken, zelfs barbecuen, omdat hij niet smelt. Je snijdt hem simpelweg in plakjes en bakt hem in een koekenpan of onder de gril in een paar minuten aan beide kanten bruin. Serveer er verder rijst of pitabroodjes bij.

Kikkererwten met gedroogde Omani limes
1 ui
2 blikken kikkererwten
8 a 10 verse tomaten in stukjes (of 2 blikken)
2 laurierblaadjes
4 gedroogde limoenen
1/2 liter bouillon
1 theelepel kurkuma
1 theelepel kaneel
snuf saffraan
sap van een halve citroen
2 eetlepels tomaten puree
peper en zout

Fruit de ui kort aan en voeg dan de overige ingrediënten toe. Prik de gedroogde limoenen in zodat ze hun smaak goed kunnen afgeven. Laat sudderen, minimaal een half uur, liever langer, ongeveer een uur. De limoenen moeten lekker zacht worden en al hun smaak afgeven. Als je wilt kun je ze een beetje uitknijpen voor nog meer smaak. Je kunt het gerecht makkelijk van tevoren maken, hoe langer het staat hoe meer de smaken zullen intrekken.

Spinazie met granaatappel
1/2 kg spinazie
200 g gedroogde abrikozen, in stukjes
150 g yoghurt
1 eetlepel maïzena
1 eetlepel gedroogde granaatappelpoeder (kun je dat niet krijgen neem dan het sap van een halve citroen, gemengd met een lepel bruine suiker)
eventueel verse granaatappel om te versieren
1 teen knoflook
peper en zout

Hak de spinazie fijn. Verhit een eetlepel olie in een wok of grote pan en fruit de gehakte knoflook licht. Bak dan de spinazie even aan tot hij slinkt. Doe er de abrikozen en het granaatappelpoeder bij en verhit nog een paar minuten. Roer de maïzena door de yoghurt en roer dit mengsel er door. Breng op smaak met peper en zout en verhit nog een paar minuten door. Als je wilt kun je er bij het serveren wat verse granaatappel ver heen strooien.

Wednesday, 8 December 2010

Tropische curry


De sneeuw is weggesmolten en de echte engelse winter laat zich kennen: mist, modder en druil. We verlangen weer terug naar ijzel, vorst en sneeuw. Of beter nog, zon, hitte en strand. Op zoek naar tropischer sferen gaan we naar Luton. Luton? Ja, die grauwe, industriële provinciestad net boven Londen. Die laatst verkozen is tot ‘worst place to live’ van Engeland. Want naast lelijke grijze wijken, Engeland vlaggen en een budget vliegveld heeft Luton nog iets: een grote Aziatische gemeenschap. En straten vol Pakistaanse en Indiase winkels. Ik voel me weer in het Midden Oosten van mijn jeugd, waar je diezelfde winkels had. De hete droge lucht fantaseren we er even bij.

Over de grauwe straten lopen mannen met dikke wollen mutsen en jassen over hun tunieken handenwrijvend rond. Vrouwen met extra lagen sluiers. Snel rennen ze van winkel naar winkel. Het gebruikelijke geroezemoes op straat is kil afwezig. Binnen is het warm. Letterlijk en figuurlijk. Hier koop je specerijen niet in kleine potjes maar genereuze zakken. Van een kilo als je dat wilt. Buiten bij de deur ligt de verse waar. Tropische groente, kruiden en fruit glinsteren in de ijzige lucht. De kou slaat de geuren stuk. Het mag de pret niet drukken. Uitgelaten sla ik mijn slag. Pas thuis komt er een plan. Vanavond eten we:

Garnalen-papaja curry
1 ui
2,5 cm verse gember
1 of meer groene chili’s
50 g geraspte kokos
1 eetlepel curry blaadjes
1/2 theelepel kurkuma
1/2 theelepel kardemom
1/2 theelepel koriander
1/2 theelepel kaneel
snuf nootmuskaat
snuf kruidnagel
peper en zout
100 ml kokosmelk
300 g garnalen, groot of klein
1 niet te rijpe papaya (mango kan ook, of allebei)
sap van 1/2 limoen
1 eetlepel mosterdzaad

Hak een halve ui, de gember, 1 groene chili, de geraspte kokos, de curryblaadjes en de droge kruiden in een hakmolen of vijzel fijn. Voeg een scheutje water toe om het tot een pasta te maken. Hak de andere halve ui en meer groene chili’s als je dat lekker vindt fijn en fruit die aan met de pasta. Doe er dan de in blokjes gesneden papaja en/of mango bij. Laat even bakken en voeg dan de kokosmelk toe. Wat extra water als de curry te droog wordt. Rooster de mosterdzaadjes in een droge koekenpan tot ze poppen en voeg ze toe aan de curry. Laat nu ongeveer een tien minuten koken, tot het fruit zacht is en voeg dan de garnalen toe. Kook nog een paar minuten door, niet te lang, anders worden de garnalen te gaar en droog. Voeg op het einde het limoensap toe. Proef en voeg indien nodig meer limoensap of zout toe. Het beste maak je de curry van tevoren en zet hem koud een tijdje weg. Dan kunnen de smaken goed intrekken zonder dat de garnalen overgaar worden. Serveer met rijst en een groene groente.